Home
Foto's reizen

Myanmar (Birma) 2015

Bergvolkeren groepsreis

13 oktober - 5 november

Tijd in Myanmar:                                                   Foto's           
                                     Voor een diavoorstelling, klik op een foto daarna bovenaan op diavoorstelling.
Tijdverschil 4:30u zomer, 5:30u winter

Birma, inleiding

Op mijn lange Aziereis van 1978-1980 ben ik ook in (toen nog) Burma geweest. Toen keeg je een visum van 7 dagen en kon alleen per vliegtuig in- en uitreizen. Na lange jaren van dictatuur lijkt er nu meer vrijheid in het land te komen en liiep ik al een paar jaar met het idee rond nog een keer terug te gaan. Diverse reisorganisaties gaan daar heen, maar ik zag geen geschikte reizen tot ik al googlend Dim Sum reizen vond. Die hadden een leuke reis met gegarandeerd vertrek en die heb ik geboekt. Ze gaan met kleine groepen (in dit geval 7 deelnemers) en alleen een lokale gids.
De zondag na ons vertrek waren er voor het eerst na 25 jaar vrije landelijke verkiezingen, waarvan de campagnes steeds heftiger werden, vooral in de laatste week voor ons vertrek. De NLD heeft uiteindeijk deze verkiezingen gewonnen.
Het grootste deel van Myanmar ligt in de tropische zone en heeft een moessonklimaat met drie seizoenen. Van midden mei tot half oktober zorgt de natte zuidwest moesson die vanuit de Golf van Bengalen over het land trekt voor zware regenval. In dit hete en vochtige seizoen valt het grootste deel van de jaarlijkse neerslag. Het regent dan bijna iedere dag, vooral in de namiddag en avond. De hoeveelheid neerslag varieert per gebied. In Yangon valt gemiddeld 2600 mm regen, waarvan het merendeel in het begin van het regenseizoen. De centrale vlakte van de Rakhine Yoma en Chin- heuvels kent de minste regen, hier valt jaarlijks slechts 760 mm regen. Ook het Shan- Plateau is vaak droog. Het nats zijn de kusstroken waar jaarlijks 5000 mm valt. In de regentijd schommelt de gemiddelde temperatuur in de lager geleden gebieden rond de 28 graden. Tussen november en mei is de droge noordoost moesson, die vanuit China naar het zuiden trekt, bepalend voor het weerbeeld. Het koele en droge seizoen duurt van half oktober tot midden februari. Deze periode is de beste reistijd. Het weer is dan aangenaam, al kan het in de heuvels en bergen behoorlijk fris zijn. De temperatuur in Yangon in januari is gemiddeld 25 graden. In Mandalay is het zo’n vijf graden koeler en in de hoger gelegen gebieden schommelt het kwik rond de 15 graden. Van half februari tot half mei is het in grote delen van het land heet, droog en stoffig.  


routekaart


Diavoorstelling




Film



1. dinsdag 13 oktober  -  Amsterdam - Yangon
Amsterdam – Singapore SQ 323 11.15 – 05.55 * (12:40)
Singapore – Yangon       SQ 998 07.55 – 09.20 * (2:55) (woensdag)





Panorama Hotel
No.294-300, Pansodan Street, Yangon Kyauktada Township,
Tel: +95 1 253077

2. woensdag 14 oktober -  aankomst Yangon

Na een overstap in Singapore komen we aan in Yangon, het vroegere Rangoon. Hier zouden we opgewacht moeten worden door de reisleider, maar er is niemand. Er staan veel mensen met bordjes te wachten, maar niet voor ons. Nadat we iemand vragen te bellen komt na een uur de reisleider Victor ons ophalen. Er was onduidelijkheid over wanneer we aan zouden komen. Na een rit van ruim een uur komen we in ons hotel aan en maken we kennis met de andere groepsleden. We gaan eerst een stukje met de trein door Yangon. Na een stuk rijden worden we weer opgepikt door onze bus en 's Middags bezoeken we de Chauktatgyi boeddha, een enorm grote liggende boeddha en de Shwedagon pagode (of Paya, zoals de Birmezen zeggen), een imposant bouwwerk en misschien wel een van de meest indrukwekkende tempels ter wereld. Tegen het vallen van de avond komen veel stedelingen naar de Shwedagon om daar hun rondjes rondom de pagode te lopen en ondertussen vrienden en bekenden te ontmoeten.



3. donderdag 15 oktober - Yangong - Kengtung

Vandaag laten we het stadsleven meteen achter ons en stappen we op een binnenlandse vlucht naar Kengtung (ook wel Kyaing Tong), gelegen in de Shan staat. Het is officieel niet toegestaan om hier over land naartoe te reizen; vliegen is de enige optie. De vlucht maakte diverse tussenstops onderweg (in Mandalay en Heho), waardoor de vlucht lang duurde.
Kengtung is de grootste stad in de zogenaamde Gouden Driehoek, zoals de grensregio van Birma, Laos en Thailand ook wel wordt genoemd. Het is van oudsher tevens het centrum van de opiumhandel en door de strijd van het leger met de drugsbaronnen is de regio rondom Kengtung decennialang niet toegankelijk geweest. Het is er tegenwoordig rustiger, maar de routes over land zijn vanwege deze gevoeligheid nog steeds gesloten. Door deze geïsoleerdheid is Kengtung een van de meest traditionele regio’s in de Gouden Driehoek en zij er dan ook prachtige dorpen van verschillende stammen zoals de Wa, de Eng, de Shan, de Akha en de Lahu. Kengtung zelf is een leuk stadje met een kleurrijke markt en veel prachtige tempels en pagodes. We overnachten hier in het grote en luxe New Kyaing Tung Hotel, waar we bijna de enige gasten zijn. Het lijkt een oud oostblok hotel.
’s Middags bekijken we een oude ijzerboom en maken een tochtje naar het Naung Tung meer en een daarboven gelegen klooster. We dineren in het restaurant “Don't Forget” aan het meer.










4. vrijdag 16 oktober -  Kengtung / wandelen dorpjes


De Shan is na de Birmezen en de Karen de grootste bevolkingsgroep van Birma. Oorspronkelijk komen de Shan uit de provincie in Yunnan in Zuid-China en zijn nauw verwant aan de Thai. Eeuwenlang hadden ze een groot rijk in het noordoosten van Birma met als hoofdstad Ava, nabij Bagan. De meest beruchte stam in Birma de Wa. Deze kleine stam woont al eeuwenlang in het grensgebied van Birma en China en staat bekend als de koppensnellers. De Wa dragen over het algemeen zwarte kleding en hebben ook erg zwarte tanden als gevolg van het eindeloos kauwen op betelnoten. Een van de meest kleurrijke stammen is de Akha (ook wel Kaw of Aini), die ook in China, Laos en Thailand wonen. De vrouwen zijn makkelijk herkenbaar aan hun uitbundige hoofddeksel vol zilveren bellen en muntstukken. De Akha zijn weer onderverdeeld in 7 subclans, elk met eigen type hoofddeksel. Ze behoren tot de Tibetaans-Birmese groepen en zijn verwant aan de Lahu en Lisu.
Een andere stam die rond Kengtung leeft is de Lahu, onder te verdelen in de Zwarte en de Rode Lahu. De vrouwen van de Zwarte Lahu scheren hun hoofd voor een deel kaal en dragen het resterende haar in een knotje.
Na een bezoek aan de markt van Kengtung rijden we in noordelijke richting naar het dorpje Pin Tauk van de Ann (Eng) stam. Onderweg bezoeken we het dorpje Kat Tauk, waar we zien hoe lokale rijstwijn gemaakt wordt. Eenmaal aangekomen in Pin Tauk beginnen we met een wandeling van zo'n drie kwartier naar Nan Linn Paing. Hier eten we de van de markt meegenomen lunchbox op en bekijken het dorpje. Vervolgens lopen we terug naar de auto en rijden dan naar het gebied ten westen van Kengtung om het dorpje Wan Pauk van de Silver Palaung te bezoeken. Vervolgens keren we terug naar Kengtung. We dineren in het “Golden Banyan” restaurant.



5. zaterdag 17 oktober -  Kengtung / wandelen dorpjes

We rijden per auto richting Tachilek naar het Pan Kwe gebied. Hier maken we een wandeling door een heuvelachtig gebied met soms pittige stukken omhoog en omlaag. De wandeling begint met een stuk omhoog lopen, deels langs een breder pad waar ook een tuktuk of auto kan rijden, later over een smaller paadje langs de berg. Het pad is soms redelijk steil maar glad. Soms kijk je wel naar diepe afgronden. Uiteindelijk komen we aan bij de Hokyin dorpjes, vier dorpjes van de Akha stam. De mensen zijn in alle vier dorpen erg vriendelijk en goed toegankelijk. De vier dorpjes zijn onderling erg verschillend; zo is het ene dorp animistisch, een ander christelijk en weer een ander boeddhistisch. We lopen van dorpje naar dorpje en picknicken onderweg met meegebrachte lunchboxjes die dit keer uit het restaurant komen. Van het ene dorpje naar het volgende ga je steeds eerst een stukje omlaag en daarna weer omhoog. De dorpjes liggen ieder op de top van een heuveltje. Tussen de dorpjes zijn vrij korte afstanden, varierend van 15 tot 30 minuten lopen. De paadjes zijn, ondanks dat het niet heeft geregend, soms spekglad. De klei in Myanmar blijkt erg glad te zijn.
Vervolgens lopen we via een andere route terug naar de auto.
We eten weer in het zelfde restaurant van gisteren, want dat was goed bevallen.






 

6. zondag 18 oktober -  Kengtung - Kalaw

's Ochtends rijden we naar het dorpje Ho Lan van de Akhu stam.
Een korte binnenlandse vlucht brengt ons eind van de middag naar de heuvels rondom Kalaw in de Shan staat.
De regio rondom Kalaw is veel toegankelijker en men is hier ook veel meer gewend aan buitenlanders. Het is een prachtig gebied en niet voor niets een van de klassieke hoogtepunten van een reis door Birma. Vanaf de luchthaven bij Heho is het een uur rijden naar Kalaw.
De Britten stichtten deze stad ooit als hillstation en u ziet er dan ook nog veel koloniale huizen.
We overnachten in het Pine Hill Resort, een eind buiten Kalaw waar we na donker aankomen en daarom in het hotel dineren en de stad niet meer in gaan.


7. maandag 19 oktober -  Kalaw

Ook in Kalaw maken we een dagwandeling in de omliggende heuvels. Hier wonen vooral Pa’o, Danu, Taung Yo en Palaung volkeren. Tijdens de wandeling komen we in enkele dorpjes met karakteristieke houten huizen op palen.
De Pa’o staan ook wel bekend als de Thaungthu. Het is na de Shan de grootste bevolkingsgroep in de Shan staat en ze zijn verwant aan de Karen. De mannen dragen vooral zwarte en de vrouwen blauwe kleding. Een veel kleinere groepering is de Taung Yo, die moeilijk te onderscheiden zijn van de Shan. De vrouwen dragen echter grotere oorbellen en armbanden. We maken een wandeling van een uur of zes. Door plantages vol mandarijnenbomen wandelen we naar het Palaung dorpje Tar Yaw. Deze omgeving is al veel ontwikkelder dan rondom Kengtung; in de dorpen zijn ook al moderne huizen gebouwd.
We lunchen in een Indiaas/Nepalees restaurant. Op de terugweg naar Kalaw komen we weinig dorpjes meer tegen, het is een glibberige en modderige weg en we moeten ook 2 keer een stroompje oversteken via gladde boomstammen. Omdat het hotel ver uit de stad ligt eten we weer in het hotel.








8. dinsdag 20 oktober -  Kalaw - Inle Meer via Pindaya

We rijden naar Pindaya, een kleine twee uur rijden van Kalaw. Hier bezoeken we de beroemde grotten van Pindaya, waar zo'n 8000 boeddha beelden uit de 11e eeuw staan.
Vervolgens rijden we door de Shan heuvels in zo'n drie uur naar het plaatsje Nyaungshwe, gelegen aan de rand van het meer. Onderweg maken we een mooie tocht over het platteland. Dit is een van de traditionele landbouwgebieden van Birma en we zien dan ook veel rijstvelden, graanvelden en boeren met ossenkarren langs de kant van de weg. Er worden ergens bloemkolen van ossekarren overgeladen naar grote trucks. De eigenaresse zit er bij om te kijken of het goed gaat.
In Nyaungshwe overnachten we in het Hu Pin Hotel.


9. woensdag 21 oktober -  Inle Meer


Vandaag maken we een boottocht over het meer dat aan alle kanten wordt omringd door de Shan-heuvels. We zien de lokale vissers behendig op de punten van hun bootje balanceren en roeien met hun voeten, zoals ze dat al jaren doen.
Ook bezoeken we enkele mooie houten kloosters, waaronder het Nga Hpe Kyaung klooster, oftewel het Klooster van de Springende Katten, alleen springen de katten niet meer. Ook bezoeken we de Phaungdawoo pagode We varen langs dorpjes die als het ware óp het water zijn gebouwd, loopplanken en bootjes verbinden de huizen met elkaar. De tuinen drijven op het water. Ook komen we langs een sigarenmakerij, een botenbouwer, een weverij en een smid met bijbehorende toeristische winkeltjes.







10. donderdag 22 oktober -  Inle Meer - Loikaw

Per boot en bus verlaten we de Shan staat om naar de weinig bezochte Kayah staat te reizen. Een groot deel van dit gebied is helaas nog steeds verboden voor buitenlanders, maar de regio rondom de hoofdstad Loikaw is onlangs geopend.
Eerst varen we het Inle meer af en genieten van het betoverende landschap en de drijvende markten. Het is weer een heel andere tocht dan op de voorgaande dag en we komen ook in de veel minder toeristische gebieden van het Inle meer.
We passeren diverse dorpjes, en een prachtig, nauwelijks bezocht klooster en tempelcomplex. De boottocht duurt een uur of vijf tot aan het plaatsje Phekhone. Vanaf Phekhone verplaatsen we ons verder per minibussen.
In Loikaw bezoeken we voor donker nog de op een rots gelegen Tang Kwe pagode.
We overnachten in het eenvoudige Min Ma Haw Motel.

11. vrijdag 23 oktober  -  Loikaw

We bezoeken het stadje Loikaw en de omgeving van Loikaw, waar we dorpjes als Panbe bezoeken. Hier wonen Padaung volkeren. De vrouwen van de Padaung zijn ook wel bekend als de ‘longneck’ of ‘giraffenvrouwen’, een benaming die ze dan1ken aan de zware halssieraden die ze van jongs af aan dragen en waarmee de nek steeds verder wordt opgerekt. Vele Padaung zijn in de loop der tijd gevlucht naar het noorden van Thailand, waar ze nu leven en hun geld verdienen met het poseren voor toeristen. De omgeving van Loikaw is echter hun oorspronkelijke woongebied en om die reden dus ook veel interessanter en authentieker om te bezoeken. ’s Ochtends beginnen we met een bezoek aan de regionale markt.








12. Zaterdag 24 oktober


Vandaag maken we een lange tocht met de terreinwagens om een dorpje te bezoeken. Daar lopen we wat rond en lunchen uit de lunchbox in de plaatselijke kerk.



13. zondag 25 oktober -  Loikaw - Mandalay

Een lange dag reizen brengt ons naar Mandalay, een van Birma’s bekendste en grootste steden. We rijden eerst overland over hobbel- en kronkelwegen naar de luchthaven van Heho, om daarvandaan eind van de middag naar Mandalay te vliegen. Het regent bijna de hele dag, maar niet in Mandalay, waar het ook veel warmer is.
Door de ligging aan de Irrawaddy Rivier kent Mandalay een levendig rivierleven. Het is er altijd druk met bootjes, handelaren en passagiers. Bij aankomst is het donker en rijden we in een grote touringcar naar ons hotel. In het nabijgelegen restaurantje eten we nog wat.









14. maandag 26 oktober -  Mandalay en Amarapura

Vandaag maken we een stadsexcursie door Mandalay. Met de grote touringcar beginnen met een bezoek aan de Mahamanu tempel, een van de heiligste tempels van Birma. Volgens de legende zou het boeddha beeld in aanwezigheid van Boeddha zelf gemaakt zijn in brons. In de loop der eeuwen is het beeld helemaal met goud overgoten en nog dagelijks brengen gelovigen stukjes bladgoud aan op het beeld.
Vervolgens rijden we naar de voet van Mandalay Hill, naar het Shwenandaw klooster, een prachtig teakhouten klooster en een hoogtepunt van de Birmese architectuur. Hier vlakbij ligt de Kuthodaw pagode, ook wel omschreven als ’s werelds grootste boek. De bekendste geschriften van boeddha staan hier uitgebeiteld in vele marmeren stenen. Blootsvoets beklimmen we de Mandalay Hill. De trap is de hele weg lang overdekt. Het uitzicht wordt steeds mooier.
Aan het eind van de middag rijden we door naar Amarapura, vooral bekend om om de prachtige teakhouten U Bein brug uit 1849. Deze loopbrug is maar liefst 1200 meter lang en voert over het brede Taungthaman Meer. We zijn net op tijd voor de zonsondergang.

15. dinsdag 27 oktober -  Mandalay - Bagan

andaag stappen we 's ochtends vroeg (rond 07.00 uur) op de boot om de Irrawaddy Rivier af te zakken naar Bagan. Na 9 ½ uur varen komen we aan. Het is een indrukwekkend gezicht om de pagodes en tempels van Bagan vanaf de rivier te benaderen. Bagan is ongetwijfeld de beroemdste attractie van Birma en dat is terecht; het is een van de mooiste tempelcomplexen ter wereld. De meeste tempels en stoepa's staan in Oud-Bagan. De bewoners zijn in 1998 gedwongen te verhuizen naar Nieuw-Bagan, zo'n 3 km zuidelijker.

We overnachten in het Razagyo Hotel






16. woensdag 28 oktober -  Bagan

Vandaag gaan we op excursie met de bus. We beginnen met een bezoek aan de de Nyaung Oo markt en vervolgens de Shwezigon Pagoda. Dit wordt gezien als de heiligste tempel omdat de tand en een haar van Boeddha hier bewaard zou worden. Ook bezoeken we de Gubyaukgyi tempel (in Wetkyiinn dorp), een dertiende eeuwse grottempel met schitterende fresco's. Daarna gaan we naar de Natuurlijk brengen we een bezoek aan de imposante Ananda tempel. Eind van de dag gaan we naar een van de hoger gelegen tempels om daarvandaan de zonsondergang te zien over Bagan, een betoverend gezicht. De vele pagoda's die uitsteken tussen oranje kleurende mistwolken met de Irrawaddy op de achtergrond. Helaas verdwijnt de zon achter de wolken voordat die onder gaat.



17. donderdag 29 oktober -  Bagan - Kanpetlet

Van een van de meest bekende plaatsen in Birma, vertrekken we vandaag naar een van de meest geïsoleerde plekken; de Chin staat. Het is een lange dag rijden in terreinwagens, waarin het nogal hobbelen is. Ook deze grensregio met India en Bangladesh was decennia lang verboden gebied voor buitenlanders en is nog steeds alleen toegankelijk met de juiste permits.
Het is een uur of acht rijden naar het kleine plaatsje Kanpetlet, gelegen in de heuvels van Chin. Aanvankelijk rijden we door een droog landschap, maar gedurende de rit wordt de omgeving steeds groener en heuvelachtiger. We steken de nieuwe brug over de Irrawaddy over ten zuiden van Bagan en rijden via Chauk naar Kanpetlet. Onderweg stoppen we enkele keren.
De Chin-stam heet ook wel Zomi en woont niet alleen in Birma, maar ook in de Indiase deelstaat Mizoram. De stam is vooral bekend om de vrouwen met getatoeëerde gezichten. Volgens de legende is dit gebruik ontstaan om de Chin vrouwen minder aantrekkelijk te maken voor Birmese mannen, bij wie ze erg populair waren. Bijkomend voordeel was dat de Chin mannen op deze manier hun eigen vrouwen makkelijk konden herkennen en terugveroveren. Deze legende komt overigens bij meer stammen voor, zoals bij de Apatani-stam in Arunachal Pradesh (India), waar tatoeages ook gebruikelijk zijn. De Chin-meisjes werden al in hun pubertijd getatoeëerd; een pijnlijk proces waarvoor de doornen van de plaatselijke citroenbomen werden gebruikt. Tegenwoordig heeft de Birmese overheid het tatoeëren van de vrouwen verboden en zien we dan ook voornamelijk de oudere generatie met tatoeages.
De vrouwen die we zien hebben allemaal min of meer hetzelfde patroon op hun gezicht, zij behoren toe aan de Moun-clan; één van de drie subclans in deze regio. Andere clans zijn de Dai en de Makan. De vrouwen rondom Mrauk U hebben tatoeages die nog het meest lijken op een soort spinnenwebben.





Pine Wood Villa(Kanpetlet)
Tel: +95 9 73082783



18. vrijdag 30 oktober -  Kanpetlet

Vandaag bezoeken we enkele dorpjes van de Chin in de nabije omgeving.
's Ochtends wandelen we vlakbij Kanpetlet naar de twee dorpjes Saw Laung en Kan Thar Yone, op zo;n drie kwartier wandelen van Kanpetlet. Na de lunch bezoeken we nog een tweetal Chin dorpen.
Op een paar buitjes na blijft het droog, maar in de avond begint het te regenen en dat blijft het doen

19. zaterdag 31 oktober -  Kanpetlet - Mindat

Onderweg naar Mindat passeren we nog meer dorpjes. 
Omdat het regent rijden we door naar Mindat, een klein stadje, gelegen op een bergkam met aan alle kanten uitzicht over de groene heuvels. Door de regen is de Mt. Victoria, met ruim drieduizend meter de hoogste berg in het gebied niet te zien. We bezoeken een oudere dame die de neusfluit bespeelt.
Het pension blijkt niet op onze komst te hebben gerekend, er zal moeten worden geïmproviseerd.
In de regen gaan we vanuit Mindat een stuk lopen naar een dorpje. We bezoeken onder meer zeer uitbundig uitgedoste vrouwen van de Makan-clan. De Makan-vrouwen tatoeëren hun gezicht echt helemaal. Ze hebben daarbij ook vaak gigantische oorbellen in hun oorlellen zitten; het zijn kleurrijke schotels die behoorlijk zwaar zijn.
Vlak voor zonsondergang maken we nog een bezoekje aan het Mountain Top klooster. Door de regen is het nauwelijks in de mist te zien.



Tun Guest House(Mindat)




20. zondag 1 november -  Mindat - Bagan

De hele nacht regent het stug door. We ontbijten in een lokaal restaurantje (chapatisoep en gefrituurde broodjes met koffie of thee) en nemen daarna een andere weg terug van Mindat naar Bagan via een noordelijker brug. Een pittige reisdag, maar uiteraard maken we enkele korte stops om de benen te strekken en om te lunchen. In het dorpje waar we lunchen is een geluidswagen van de National League for Democracy (
) actief voor de verkiezingen van aanstaande zondag. Tegen het eind van de dag zijn we terug in Bagan, waar het ook flink heeft geregend.



21. maandag 2 november -  Bagan - Yangon

In de ochtend huren we een fiets, die helaas voor mij veel te klein is waardoor het niet echt lekker fietst. We rijden nog langs wat tempeltjes in oud Bagan en ook nog even naar de rivier. Na de lunch vertrekken we naar het vliegveld voor de vlucht terug naar de hoofdstad Yangon.








22. dinsdag 3 november -  vertrek Yangon


In de ochtend hebben we nog even tijd om een rondje te lopen in het centrum van Yangon. Via allerlei straatjes komen we bij het fameuze Strand Hotel, dat prachtig is gerestaureerd.
Rond het middaguur vertrekken we richting vliegveld, het verkeer staat behoorlijk vast en we doen er anderhalf uur over om in de buurt van het vliegveld de afscheidslunch te gebruiken voor we in kunnen checken voor de terugvlucht.
Dan begint het lange wachten en de terugreis naar Amsterdam via Singapore.


Yangon – Singapore       SQ 519  17.35 – 22.10  (3:05)
Singapore – Amsterdam  SQ 324  23.55 – 06.45 * (13:50)


23. woensdag 4 november -  aankomst Amsterdam









Links:

Foto's Picasaweb
Dimsum algemeen
Dimsum deze reis
Ministerie van Buitenlandse zaken info
Wikipedia Myanmar
Startpagina Myanmar
Landenkompas
Landenweb



Weer:
weeronline
timeanddate
Yahoo weather
Accuweather







Home
Foto's reizen